De wereld van de Alpaca

DSC_1222De Alpaca is net als de Lama en dromedaris een kameelachtige. De Alpaca komt van oorsprong uit Zuid-Amerika en dan voornamelijk uit Peru en Chili. De alpaca wordt in de hoge Andes als huisdier gehouden. Hij heeft een schofthoogte van 90 cm en een lange hals, met een lange vacht, dikwijls tot aan de grond reikend. De vacht komt voor in meer dan 22 erkende kleurslagen. Bontgekleurde dieren zijn veel zeldzamer.

 

Er zijn 2 groepen van Alpaca’s  t.w. de Huacaya en de Suri. Ongeveer 90 % bestaat de populatie uit Huacaya’s en voor 10% uit Suri’s. De Huacaya heeft wol dat veel weg heeft van schapenwol, van de Suri is het veel langer en veel fijner. Het lijkt op dreadlocks die langs het lijf hangen.

 

Al meer dan 5000 jaar geleden gebruikten de Inca’s deze dieren als lastdieren en ook voor de wol waarmee ze kleding fabriceerden. Ongeveer 30 jaar geleden is de fokkerij ontstaan in Australië, Nieuw Zeeland en Europa. De eerste twee bezitten zeer grote ranches waar enkele duizenden stuks normaal zijn. Redenen waarom de Alpaca zo populair is komt doordat ze teder, intelligent en gevoelig zijn. Men houdt ze graag in een hobbyweide of men heeft ze voor de wol.

 

Voor de huidige landbouw en veeteelt is het een goed alternatief, omdat ze weinig ruimte nodig hebben en omdat hun verzorging en huisvesting eenvoudig is. Vaak wordt er gezegd dat de Alpaca een herkauwer is, maar dat is onjuist. Het kauwen dat hij doet is om speeksel te produceren waarmee hij het eten kan verorberen. Het is een geheel ander spijsverteringsstelsel als dat van bijvoorbeeld een koe.

 

Hengst: wordt genoemd Macho

Merrie: wordt genoemd Hembra

Veulen: wordt genoemd Cria


dsc_0876      dsc_0881       dsc_0892
 

Leeftijd: De dieren kunnen tussen de 15 en 25 jaar worden

Gewicht: De merries wegen 70 kilogram en de hengsten 85 kilogram

Schofthoogte: Deze is tussen de 80 en 100 centimeter.

Draagtijd: ongeveer 11,5 maanden